
Vandaag zit ik in de klas niet echt goed op te letten. Ik zit zomaar wat in mezelf te praten met mijn hogere zelf over slim zijn. Ik noem het mijn hogere zelf omdat ik me voorstel dat ze op mijn hoofd zit en alles goed kan overzien. Ik zal haar maar eens een leuke naam geven… uh… ehm… Hevi, met een H van hogere en dan Evi. Hé Hevi, wat vind jij eigenlijk van slim zijn?
Ik bedoel dat ik veel kinderen en grote mensen ken, die heel knappe dingen kunnen terwijl ze niet superintelligent of zo zijn.
Ja, leuk hè! Je hebt ook mensen die alles van de natuur weten of dol zijn op vliegtuigen.
Klopt! En er zijn ook mensen die huizen, straten of bruggen kunnen bouwen.
Als ik er zo eens goed over nadenk, kun je eigenlijk zeggen dat iedereen slim is op zijn eigen unieke manier. Dus iedereen is eigenlijk talentslim.
Dan ga ik nog meer leuke woorden bedenken: natuurslim, denkslim, rekenslim, tekenslim, mensslim, autoslim, turnslim, voetbalslim, computerslim, geschiedenisslim en ga zo maar door.
Ja, zo hoeft niemand zich een uitzondering te voelen, want iedereen is op zijn eigen manier slim! Fijn hè!
Ja, dat is een goed idee, Hevi.
Vragen voor jou