
Wat is er aan de hand, haasje?
Kom maar racemonstertje, dan mag je in mijn tas. Er is wel een kléin probleempje. Ik ben op weg naar school en ik heb geen tijd meer om jou naar mijn huis te brengen.
Kom maar gauw, liefje. Zul je wel stil zijn in de klas? Niemand mag weten dat jij in mijn tas zit, want er mogen geen dieren op school komen.
Oei, mijn tas is omgevallen, ik hoop dat juf niets gezien heeft… kruip snel naar onderen haas!
Het is toch dierendag vandaag, juf?
Nu hij tóch hier is, mag ik ‘m dan even laten zien?
Geen snoezepoes juf, maar een snoezehaas.
Ik vond hem op weg naar school, in het weiland vlak bij ons huis. Hij zei dat ie bang was voor de vos.
Ja juf, echt waar.
Maar ik hóórde het écht, juf.
Ik denk dat ik het niet met mijn óren hoor, maar ik voel het ergens hiér vanbinnen.
Nee, ik verzin het niet. Ik vóel het gewoon. Misschien ben ik een haasfluisteraar of heb ik gewoon een hazig zintuig, hop-hop-haha!
Weet ik niet, maar ik denk dat iedereen het wél kan probéren.
Já juf, dat is een superidee!
Een week later stelt juf vragen aan de kinderen in de klas.
Dit is mijn parkietje. Hij heet Priet.
Ja, juf, hij wilde zo graag uit zijn kooitje. Hij wil vrij kunnen rondvliegen.
Dat hij elke middag als ik thuiskom uit school, door het huis mag vliegen. Ik maak dan alle ramen en deuren dicht. Ik heb ook gezegd dat ie geen poepjes mag laten vallen in de huiskamer, hihi.
Dit is mijn cavia, juf.
Dat heb ik gedaan en weet je wat ie zei? Hij zei dat ie steeds windjes moest laten door de caviakorrels en hij vroeg me of ik andere wilde kopen.
Ja! En toen kwam hij heel lief tegen me aangekropen alsof ie me wilde bedanken.
Dat is een fret. We hebben hem Kwik genoemd. In het Engels schrijf je ‘quick’ en dat betekent snel.
Volgens mij wel. Ik weet het niet zeker, hij zéi het niet echt, maar toen ik goed oplette, wist ik wat ie wilde. Kwik verveelde zich heel erg, hij wilde graag wat speeldingetjes. Hij kruipt overal dóór en achter. Toen ik zag dat hij zo sloom werd, heb ik allerlei buizen en zo neergelegd.
Hij speelt er nu de héle dag mee. Hij is weer net zo vrolijk en ‘quick’ als hij vroeger was.
Ja, ik heb in het hout van ons schuurtje een klein gaatje gemaakt. Als hij dan weer achtervolgd wordt door de vos, kan hij zich altijd in ons schuurtje verschuilen.
Ik denk dat hij gewoon in de vrije natuur wil leven, maar een schuilplekje is altijd fijn.
Vragen voor jou